De geschiedenis van de Sabbat

Aangeprezen door de rust en de zegen van de Schepper, werd de Sabbat door Adam, tijdens zijn periode van onschuld, in de heilige Hof van Eden gehouden. In Adams gevallen staat, waarin hij overigens wel berouw had, nadat hij was verdreven van het grondgebied waar hij zo gelukkig geweest was, hield hij ook de Sabbat. De Sabbat werd gehouden door alle aartsvaders, van Abel tot de rechtvaardige Noach, tot op Abraham, tot op Jakob. Toen het uitverkoren volk in Egypte in slavernij verkeerde, verloren veel mensen  in het midden van de heersende afgoderij hun kennis van de wet van God. Maar toen de Heer Israël be-vrijdde, verkondigde Hij Zijn wet met een ontzagwekkende grootheid aan de verzamelde menigte, zodat ze Zijn wil leerden kennen, en Hem zouden vrezen en gehoorzamen.

Vanaf die dag tot op vandaag is deze kennis van Gods wet op aarde bewaard, en is de Sabbat van het vierde gebod gehouden. Hoewel de “mens van de wetteloosheid” (II Thessalonicenzen 2: 3) erin is ge-slaagd, Gods heilige dag met voeten te laten treden, toch zijn er, zelfs in de periode van zijn opperheer-schappij, op verborgen en geheime plaatsen trouwe zielen geweest, die de Sabbat in ere hielden. Sinds de Reformatie zijn er in elke generatie wel mensen geweest, die de Sabbat gehouden hebben. Vaak deden ze dat ondanks verwijten en vervolging. Toch is er voortdurend getuigd van de eeuwigdurende geldigheid van Gods wet, en de heilige verplichting de Sabbat van de schepping te handhaven.

Dit onderdeel – De Sabbat de eeuwen door – biedt een vluchtige blik in deze strijd

Geschiedenis van de sabbat – 1e eeuw

Geschiedenis van de sabbat – 1e eeuw

Jezus, Mattheüs 24: 20

“Bid dat uw vlucht niet zal plaatsvinden in de winter en ook niet op een sabbat.”

Instelling van de Sabbat

“Zo zijn de hemel en de aarde voltooid, en heel hun menigte. God voltooide op de zevende dag Zijn werk, dat Hij gemaakt had. Hij rustte op de zevende dag van al Zijn werk, dat Hij gemaakt had. En God zegende de zevende dag en heiligde die, want daarop rustte Hij van al Zijn werk, dat God schiep door het te maken.” Genesis 2: 1 – 3

Jezus

“En Hij kwam te Nazareth, waar Hij opgevoed was, en ging naar Zijn gewoonte op de dag van de sabbat naar de synagoge, en Hij stond op om te lezen.” Lukas 4: 16

Jezus

“En zie, er kwam iemand naar Hem toe en zei tegen Hem: Goede Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwige leven te hebben? Hij zei tegen hem: Waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed behal-ve Eén, namelijk God. Maar wilt u tot het leven ingaan, houd u dan aan de geboden.” Mattheüs 19: 16 – 17

Jezus

“Bid dat uw vlucht niet zal plaatsvinden in de winter en ook niet op een sabbat.” Mattheüs 24: 20.
Jezus vroeg Zijn discipelen te bidden, dat wanneer zij uit de veroordeelde stad Jeruzalem zouden moeten vluchten, zij niet op Sabbat zouden hoeven vluchten. Zijn discipelen vluchtten uiteindelijk in 70 na Chris-tus (40 jaar na de kruisiging)

Zijn volgelingenSabbat

“En toen zij teruggekeerd waren, maakten zij specerijen en mirre gereed. En op de sabbat rustten ze over-eenkomstig het gebod.” Lukas 23: 56

Paulus en de heidenen

“En toen de Joden weggegaan waren uit de synagoge, drongen de heidenen erop aan dat op de volgende sabbat dezelfde woorden tot hen gesproken zouden worden. … En op de volgende sabbat kwam bijna heel de stad samen om het Woord van God te horen.” Handelingen 13: 42, 44

Hier zien we, dat heidenen in een heidense stad op bijeenkomen. Het was geen synagogedienst in vers 44, want er staat, dat bijna heel de stad samenkwam. In vers 42 staat, dat ze de boodschap op “de volgende Sabbat” wilden horen.

Johannes

“En ik was in de geest op de dag des Heeren” Openbaring 1: 10. (De volgende teksten tonen duidelijk aan, dat de dag des Heeren de Sabbat is: Markus 2: 28; Jesaja 58: 13; Exodus 20: 10)

Josephus

“Er is geen enkele stad van de Grieken, en ook niet van de barbaren, en ook geen enkele natie waar dan ook, waar onze gewoonte, te rusten op de zevende dag, niet is doorgedrongen.” M’Clatchie: “Notes and Queries on China and Japan.” (Uitgave van Dennys) Deel 4, nrs. 7 en 8, blz. 100.

Philo
Philo zegt, dat de Sabbat een feestdag is, niet voor deze of gene stad, maar voor het hele heelal.
M’Clatchie: “Notes and Queries” Deel 4, blz. 99.

Geschiedenis van de sabbat – 2e eeuw

“Geleerde verhandeling over de Sabbat”
“Het staat vast, dat de Sabbat meer dan driehonderd jaar na de dood van onze Heiland bleef bestaan en door christenen van de oosterse kerk werd gehouden (samen met het vieren van de dag des Heren)”

Vroege Christenen
“De oorspronkelijke christenen hadden grote eerbied voor de Sabbat. Ze brachten deze dag door met aan-bidding en prediking. Er is geen twijfel aan, dat zij deze praktijk aan de apostelen zelf ontleenden, zoals blijkt uit verschillende Bijbelteksten over dit onderwerp.” “Dialogues on the Lord’s Day”, blz. 189, London 1701. Door Dr. T.H. Morer (geestelijke van de Anglikaans Kerk)

Vroege Christenen
“… De Sabbat verbond hen met een sterke band aan het leven van het volk als geheel. En door de Sabbat te heiligen volgden ze niet alleen het voorbeeld van Jezus, maar gehoorzaamden zij ook aan Zijn gebod.” “Geschichte des Sonntags, blz. 13 – 14.

Christenen in de 2e eeuw
“De heidense christenen hielden ook de Sabbat.”  Gieseler’s “Church History”, dl. 1, hfdstk. 2, § 30, 93

Vroege christenen
“De oorspronkelijke christenen hielden ook de Joodse Sabbat. … daarom hielden de christenen lange tijd samen hun bijeenkomsten op Sabbat. Daarbij werden ook gedeeltes uit de wet (OT) gelezen. En deze praktijk hield stand tot aan het concilie van Laodicea.”  “The Whole Works” of Jeremy Taylor, dl. 9, blz. 416.

De vroege kerk
“Het staat vast, dat de Sabbat meer dan driehonderd jaar na de dood van onze Heiland bleef bestaan en door christenen van de oosterse kerk werd gehouden (samen met het vieren van de dag des Heren)” “Ge-leerde verhandeling over de Sabbat”

Let op: De schrijver bedoelt hier met de dag des Heren: zondag, en niet de ware Sabbat, de door de Bijbel aangewezen dag. Dit citaat laat zien, dat de zondag al in de eerste eeuwen na de dood van de apostelen in gebruik kwam. De apostel Paulus voorspelde een grote “afval” van de Waarheid, die spoedig na zijn dood zou plaatsvinden.

2e, 3e en 4e eeuw
“Vanaf de tijd van de apostelen tot het concilie van Laodicea, die rond het jaar 364 plaatsvond, ging het heilig houden van de Joodse Sabbat door. Dat is door citaten van veel schrijvers aangetoond. Dit ging zelfs door ondanks het decreet van het concilie tegen het vieren van de Sabbat.”  “Sunday and Sabbath” John Ley, blz. 163, London, 1640

Geschiedenis van de sabbat – 3e eeuw

Proefschrift over de dag des Heren”
“De Sabbat werd … door Christus, de apostelen en de oorspronkelijke christenen op de zevende dag plechtig gehouden, totdat het Concilie van Laodicea in zekere zin het houden van de Sabbat compleet afschafte.”

Egypte (Oxyrhynchus Papyrus: 200 – 250 n. Chr.)
“Wanneer jullie de ware Sabbat niet als Sabbat houden (Grieks: ςάββατιζε τον ςάββατον), zullen jullie de Vader niet zien.” (pt.1, blz. 3, logion 2, vers 4 – 11, London)

Vroege christenen uit de 3e eeuw
“Gij zult de Sabbat houden, vanwege Hem, die ophield met Zijn scheppingswerk, maar die niet met het werk van Zijn voorzienigheid ophield. Het is rust om de wet te overdenken, maar niet om je handen te laten nietsdoen.” “De anti-Niceense vaderen”, deel 7, blz. 413.

Afrika (Alexandrië) Origenes
“Na het feest van het voortdurende offer (de kruisiging) is de Sabbat als tweede feest ingesteld. Voor iedere rechtvaardige onder de heiligen is het passend om ook dit feest van de Sabbat te houden. “Er blijft dus een rust (Grieks: ςάββατιςμον, dat is het houden van de Sabbat) over voor het volk van God.” He-breeën 4: 9”  “Preek over Numeri 23”, §23, in Migne: “Patrologia Graeca”, dl. 12, kolom 749, 750.

Van Palestina tot India (Kerk van het Oosten)
Al vanaf 225 n. Chr. bestonden er grote bisdommen, of conferenties, van de Kerk van het Oosten, die de Sabbat hielden. Deze strekten zich uit van Palestina tot India. Mingana: “Early Spread of Christianity”, dl. 10, blz. 460.

India (Boeddhistisch Conflict, 220 n. Chr.)
De Kushan Dynastie van Noord-India riep een beroemd concilie van Boeddhistische priesters bijeen in Vaisalia, om onderlinge eenheid te brengen in de wijze waarop de monniken de wekelijkse Sabbat vier-den. Sommige van hen waren zó onder de indruk gekomen van de geschriften van het Oude Testament, dat zij de Sabbat gingen heiligen. Lloyd: “The Creed of half Japan”, blz. 23

Vroege christenen
“De Sabbat werd … door Christus, de apostelen en de oorspronkelijke christenen op de zevende dag plechtig gehouden, totdat het Concilie van Laodicea in zekere zin het houden van de Sabbat compleet afschafte.” Proefschrift over de dag des Heren”

4